Aanleiding voor de tentoonstelling De expositie Smit in Maassluis wordt gepresenteerd mede ter gelegenheid van de opening van Hotel Maassluis aan de Govert van Wijnkade hier ter stede. De connectie van het hotel met de sleepvaart, in het bijzonder door L. Smit & Co’s Sleepdienst, zal u snel duidelijk worden. Het hotel is namelijk gevestigd in het voormalige kantoorpand van Smit. In het ernaast liggende, eveneens indrukwekkende pand was jarenlang het Loodswezen gevestigd. Dat gebouw, daterend van 1887, stond er eerder dan het ernaast staande kantoor van Smit dat tien jaar later werd opgeleverd. Beide panden werden begin jaren negentig van de vorige eeuw samengevoegd tot één kantoor, namelijk dat van Sanofi B.V. een van origine Franse groothandel in geneesmiddelen. Nadat dit bedrijf in 2004 Maassluis verliet heeft het gebouw 11 jaar leeg gestaan. Er is gedurende drie jaar geprobeerd er een zgn. Cultuurhuis in te vestigen, waar ook voor het sleepvaartmuseum plaats zou zijn. Dat plan strandde bij gebrek aan financiën. De Maassluise ondernemer G. Malipaard, die aan de overzijde van de haven woont en daar o.a. al met succes een horeca-onderneming exploiteert, voerde een gesprek met de burgemeester met collega- ondernemers. Zij attendeerden hem er op dat in Maassluis geen echt hotel is gevestigd. Malipaard besloot begin 2016 de gebouwen aan te kopen en te transformeren tot hotel met restaurant en zalen voor vergaderingen. In oktober 2018 werd het fraai verbouwde hotel geopend, waarbij moet worden opgemerkt dat mede dankzij inbreng van het Nationaal Sleepvaart Museum het hotel een maritieme sfeer uitstraalt. In aansluiting met hetgeen in Hotel Maassluis te zien is presenteert het sleepvaartmuseum vanaf 3 november 2018 de tentoonstelling “Smit in Maassluis”. Geschiedenis van de buitenhaven en de vestiging van Smit Om de geschiedenis van de panden en de sleepdienst nader te belichten grijpen we terug op een geschrift over de N.V. L. Smit & Co’s Sleepdienst van de hand van auteur Tony de Ridder. Het geschrift werd gepresenteerd in april 1918 onder het hoofd “Nederlands Welvaart”. Het begon allemaal in 1842, toen Fop Smit, ‘scheepmaker aan den Kinderdijk, gemeente Nieuw Lekkerland’, geboren in 1777 (!!) sleepdiensten ging aanbieden met een stoomvaartuig in de zeegaten bij Brouwershaven, bij Hellevoetsluis en bij Dordrecht. Opmerkelijk is dat in de statuten is gesteld dat ‘medecontracteerende reeders en assuradeuren zich verbinden tot het geven van geldelijke steun’. Het was dus vanaf het begin duidelijk dat de start van de sleepdienst financieel een moeilijke zaak zou worden. Daarom werd ook subsidie aangevraagd bij de Provinciale Staten van Zuid-Holland. Dat verzoek werd toegewezen. Een snelle doorvaart naar Rotterdam en Dordrecht was nu eenmaal in het belang van de reders en de kooplieden in het Rijnmondgebied. Omdat radiotelegrafie nog niet bestond werd in ‘Nieuw Helvoet ‘ een seinpaal, een mast met kraaiennest, opgericht om de communicatie te verzorgen tussen schepen en havens. De ‘Commissie Toeverzigt op den Scheepvaart’ verstrekte een subsidie van f. 200,- jaarlijks, bestemd voor het onderhoud van de seinpaal. Dat onderstreepte het belang van zowel de sleepdienst als het voorlopig gekozen communicatiemiddel. Na 1865 gingen de zaken dermate voorspoedig dat bij een vernieuwing van het contract de jaarlijkse subsidie werd teruggebracht van f. 18.000,- tot een maximum van f. 10.000,-. Ook de bijdrage van reders en assuradeuren werd verminderd. Die van de Nederlandsche Handelmaatschappij bleef onveranderd. De belangrijkste sleepboot was toentertijd de Brouwershaven, vermoedelijk gebouwd in het Poolse Stettin en 100 NPK sterk. Het vaartuig werd gestationeerd in Nieuwesluis, een buurtschap dat thans geheel verdwenen is. Het lag Noordwest van Heenvliet en West van het Kanaal door Voorne. Na annexatie van het grondgebied door Rotterdam per 1 april 1966 is de buurtschap in 1967 afgebroken en verdwenen onder een 5 meter dikke laag zand, om plaats te maken voor de Seinehaven met omliggende industrie. In 1869 werd de radersleepboot Zierikzee (75 NPK – 2.25 m diepgang) in Maassluis gestationeerd. Dat had alles te maken met de opening van de Nieuwe Waterweg op 10 juli 1871. Juist dit vaartuig mocht als openingsceremonie een serie loggers naar zee slepen. De havenslepers uit die tijd, die door een schroef werden aangedreven, zoals de Hit, de Bij en de Bagatel, hadden bescheiden vermogens van ca. 16 npk. Curieus is dat directeur Murk Lels (1823-1891) voor de werknemers een soort pensioenstelsel lanceerde. Iedere schepeling boven de rang van matroos of stoker werd verplicht 5% van zijn salaris opzij te zetten. De maatschappij stortte eveneens 5%. De totaal gespaarde som mocht niet worden opgenomen zolang de betrokken werknemer in dienst van Smit was. In 1886 werd te Maassluis de Berging Maatschappij opgericht. Dat bedrijf was niet altijd even succesvol, zodat de onderneming in 1894 werd omgezet in de Nieuwe Berging Maatschappij. Nog juist voor de eeuwwisseling had ook W.A. van den Tak besloten zich in Maassluis te vestigen. Dat had op lange termijn vergaande gevolgen want in 1971 was er voor het eerst sprake van Smit Tak. Deze samenvoeging werd wereldberoemd. Ten onrechte worden soms nu nog steeds activiteiten van Smit aangeduid als die van Smit Tak, want de combinatie bestaat in die vorm niet meer. Smit is sedert 2010 opgenomen in het grotere Boskalis concern, van oorsprong een baggerbedrijf. We gaan terug naar 1886. De uitdieping van de Nieuwe Waterweg was toen dermate gevorderd dat ook de grotere vrachtschepen van de nieuwe route gebruik konden maken. Het gevolg was dat de stations Hellevoetsluis en Brouwershaven – op één sleepboot na (de Gier)- konden worden opgeheven. In Maassluis werden terreinen die al op 14 oktober 1875 waren aangekocht(248 aren, erfpacht f. 880,- per jaar) in 1896/7 bebouwd met een kantoor, een smederij, een woonhuis en een magazijn. Die bebouwing is er anno 2018 nog steeds, al is zijn diverse gebouwen, als de smederij verdwenen. Nu is er, zoals hiervoor gemeld, een splinternieuw en fraai hotel in gevestigd, waarin zeker aandacht wordt besteed aan het maritieme verleden. In 1903 werd de rederij L. Smit & Co omgezet in een Naamloze Vennootschap met een maatschappelijk kapitaal van f. 600.000,- . Dat was een niet gering bedrag voor …
Lees meer “Smit in Maassluis”